Realisatie …

Aan het begin van de avond ga ik naar mijn vader toe. Hij wordt wakker als ik binnenkom. Ik probeer met hem te praten, maar al gauw blijkt dat hij dat niet meer goed kan. Onverstaanbare zinnen en hier en daar losse woorden. Hij valt weg. Ik begin mezelf na een tijdje te realiseren dat het niet goed is en bel mijn broer dat het verstandig is om langs te komen. Ook bel ik op eerder verzoek van mijn vader de vriendin van mijn moeder met de vraag of ze langs wil komen.

Na twee uur alleen met mijn vader geweest te zijn komt mijn broer binnen. Ik heb hem gevraagd om wat te eten voor mij mee te nemen. De hele avond heb ik nog niks gegeten behalve wat uit de snoepwinkel van mijn vader.

Mijn broer heeft wat van de FEBO meegenomen. Mijn vader heeft een opleving wanneer mijn broer binnenkomt. Tijdens het eten realiseer ik dat mijn vader me onlangs heeft verteld dat hij midden in de nacht zin had in knakworst. Deze heeft toen besteld bij de verpleging. Ik vraag hem of hij een patatje van mij wil. Die wil hij wel. Ik leg er een paar voor hem neer. Moeizaam probeert hij ze op te eten. Daarna probeert hij wat van zijn thee te drinken. Zijn kopje laat hij vallen in bed. De verpleging helpt hem zijn bed en zijn kleren te verschonen. Verschoond zakt mijn vader weer weg.

De vriendin van mijn moeder is inmiddels gearriveerd. Ik leg mijn broer voor om even met de verpleging te gaan kletsen. We hebben beide het gevoel dat het allemaal niet lang meer duurt en willen weten hoe de verpleging tegen de situatie aankijkt. Zij geven aan dat mijn vader hard aan het vechten is en dat het heel hard achteruit gaat. Zij denken dat het niet heel lang meer gaat duren voordat hij komt te overlijden.

We spreken met de verpleging af dat de dokter van het verzorgingstehuis ons morgenochtend belt voor een afspraak. De verpleging geeft mijn vader medicijnen voor het slapen. Mijn vader heeft rust nodig zo lijkt het.

Mijn broer en ik besluiten om morgen samen met de dokter te gaan praten om te kijken hoe hij tegen de situatie aankijkt. We spreken met de vriendin van mijn moeder af om haar morgen in te lichten als wij meer weten. Onderweg naar huis realiseer ik me dat het echt niet lang meer gaat duren. Het is de realisatie van de wetenschap dat je weet hoe het verhaal afloopt die hard aankomt. Het is pittig de tranen springen onderweg in mijn ogen.

Thuis probeer ik de avond op een rijtje te krijgen. Er bekruipt me ook een gevoel van opluchting. Ergens voel dat ik nu al die tijd weet waar ik echt aan toe ben.

Ex ..

Vandaag begint rustig. Ik drink hier en daar koffietje met bekenden. ’s Middag bel ik mijn vader op of hij nog wat nodig heeft. Hij geeft aan dat hij iets van body lotion nodig heeft, want zijn huid wordt wat droog vertelt hij. Voordat ik naar hem toe ga doe ik nog een bezoek aan de Etos.

Twee weken gelden heb ik hem gesproken of hij mijn ex-vriendin nog wilde zien. Tot medio 2009 is zij toch acht jaar lang goed met mijn ouders in contact geweest. Ik vind het belangrijk dat zij in ieder geval de gelegenheid heeft om mijn vader nog een keer te zien. In overleg met mijn vader heb ik haar ook een poosje geleden voorgelegd of zij mijn vader nog wil zien. Ze heeft ook een fijne band met mijn ouders onderhouden in de tijd dat wij samen zijn geweest.

Zij komt naar mij toe aan het begin van de avond, waarna we samen naar mijn vader vertrekken. Onderweg naar het verzorgingstehuis praten we een beetje bij over de situatie. We hebben de afgelopen maanden gelukkig wel contact over de gehele situatie gehad waar ik, mijn broer en mijn vader in verkeren. Zij hoeft niet helemaal in het diepe te springen.

We kletsen bijna twee uur en drinken de nodige koffietjes. Het is een fijne avond. Er worden grapjes gemaakt en de sfeer is gemoedelijk. Mijn vader is blij haar even te zien merk ik. Ze hebben het altijd met elkaar kunnen vinden. Mijn vader wordt moe en we maken ons op om te vertrekken.

Ik vind het fijn dat mijn ex-vriendin mijn vader gezien heeft en goed heeft kunnen spreken. Thuis gekomen neem ik afscheid van haar. Ik eet nog wat alleen en probeer vroeg te gaan slapen. Net als gisteren voel ik me niet helemaal lekker. Weer heb ik een onrustig gevoel. Het is zwaar merk ik. Ik ben emotioneel. Het gevoel dat ik heb is alsof ik zelf op mijn laatste benen loop … Toch probeer ik naar bed te gaan.

Baksteen …

Ik word laat wakker vandaag. Gun mezelf om even uit te slapen. Om twee uur heb ik afgesproken om met een van mijn vrienden naar mijn vader te gaan. We treffen elkaar beneden bij het verzorgingstehuis. Ik vind het fijn dat hij meegaat.

Het is een gemoedelijke middag waarbij we worden vermaakt door een programma op Discovery Channel. Mijn broer komt later ook nog langs. Hij heeft eerst een voetbalwedstrijd. We kletsen met zijn allen nog een beetje over voetbal. Onze vroegere ‘carrieres’ komen ter sprake. Tegen het einde van de middag ga ik naar huis.

Onderweg naar huis merk ik dat de baksteen in mijn buik zwaarder wordt. Het is een raar gevoel. Unheimisch en onrustig soms. Thuis aangekomen besluit ik om in de ‘chill modus’ te gaan. Niks doen en muziek luisteren. Ik val een paar keer in slaap op mijn bankje. Als ik wakker word merk ik dat de baksteen er nog steeds is. Verdriet doet pijn. Het voelt als een baksteen.

Toch zorg ik al de gehele afgelopen periode voor een dagelijkse routine en houd me daaraan vast. Bijtijds opstaan bijvoorbeeld. Het geeft me een gevoel van stabiliteit wanneer de rest soms een chaos lijkt. Ik doe boodschappen, doe een wasje en besteed tijd aan mijn vrienden. Zie de nodige mensen voor een kopje koffie of een broodje buiten de deur. Af en toe kom ik ergens om mijn gezicht te laten zien.

Ik probeer de dingen in perspectief te houden. Het proces is niet ineens mijn hele leven, het maakt er op dit moment deel van uit. Ik focus me soms ook op andere dingen. Wanneer ik met andere mensen praat, praat ik niet alleen over het proces van mijn vader. Ik stel hun ook vragen, wat zij meemaken doet er ook toe en het biedt mij de nodige afleiding en inzichten.

Het hele proces van de afgelopen weken is zowel emotioneel als lichamelijk zwaar. Het berooft je van je energie, zowel je emotionele als je fysieke energie. Je vraagt je af wat de zin van je leven is als je de afgelopen tijd zoveel emotionele pijn moet ervaren. Toch is de situatie waar ik in zit is niet het einde van de wereld. Zowel mijn vader als mijn moeder zouden dat niet willen. Het leven zelf is de zin van het leven. Daar houd ik me aan vast.

Het is allemaal niet makkelijk. Het is zwaar en soms echt klote …. Ondanks alle ratio voel ik vandaag de hele dag een baksteen in mijn maag. Ik troost me met de gedachte dat de baksteen ooit eens weg zal zijn.

Humor …

Humor is het vermogen om iets dat grappig, amusant of geestig is aan te voelen, te waarderen of tot uitdrukking te brengen. Humor kan ook een aanduiding zijn van de expressie van iets komisch of grappigs in woord, daad of geschrift.

Deze middag zit mijn oom, de broer van mijn moeder, en zijn vriendin bij mijn vader. Ik had hem al laten weten dat ik ook even langs zou komen. Mijn oom heeft humor. Utrechtse humor. Het lijkt Tineke Schouten wel als ik hem hoor praten. Ergens geniet ik daar wel van, merk ik. Zo ook mijn vader. Bij elk stukje wat mijn oom vertelt zit ergens altijd wel een grappige gevatte opmerking.

Als mijn oom weg is praten ik en mijn vader even na. We komen tot de conclusie dat we beiden altijd moeten lachen om mijn oom. Allebei vinden we het fijn als hij op bezoek is geweest. Ondanks de situatie waar we allemaal in verkeren weet hij er toch op een of andere manier een fijne draai aan te geven.

De glimlach van mijn vader laat zien dat zijn hart thuis is vandaag. Het is fijn om te zien dat hij in deze fase toch nog op een bepaalde manier kan genieten.

Wetenschap …

Vanmiddag heb ik contact met mijn vader. Ze gaan hem vervoeren van het ziekenhuis naar het verzorgingstehuis. Het kan nog wel even duren geeft hij aan. Ik geef hem aan dat het prima is en dat hij mij een pingetje stuurt als hij vetrekt uit het ziekenhuis.

In de tussentijd komt een van mijn beste vrienden bij mij langs. Ik kan mijn hart bij hem luchten. Ik heb de hele week al het gevoel dat de laatste fase is aangebroken. We praten anderhalf uur. Ik ben blij dat hij even is geweest.

Aan het einde van de middag besluit ik alvast richting het verzorgingstehuis te gaan. Ik bel mijn vader onderweg op dat ik op hem zal wachten in het verzorgingstehuis. Tijdens dit gesprek vertelt hij mij dat hij in de tussentijd nog een dokter, die bij hem langs is geweest, heeft gesproken. De uitkomst van het gesprek zal hij wel laten weten in het verzorgingstehuis.

In het ziekenhuis aangekomen praat ik met mijn vader over het gesprek met de dokter. Hij geeft aan dat het nog een kwestie van dagen is en geen weken meer. Ergens vermoedde ik deze boodschap al. De boodschap komt toch hard aan, ook al ben ik al drie maanden bekend met dit nieuws. Het is nu alleen duidelijk voor alle betrokkenen waar iedereen aan toe is de komende tijd.

Ik blijf nog geruime tijd in het ziekenhuis. Vraag aan mijn vader wie ik moet bellen en wie hij echt nog wil zien. Tevens probeer ik met de verpleging af te stemmen wanneer de ambulance komt, mijn vader wil weg uit het ziekenhuis merk ik. Het duurt nog wel even. Ik spreek met mijn vader af dat hij mij belt wannneer hij in het verzorgingstehuis is. Mijn vader wil gaan rusten.

De laatste dagen zijn aangebroken, onderweg naar huis merk ik dat deze wetenschap pijn doet. Ik ben verdrietig.

Burgermeester …

Vanmorgen vroeg ga ik naar mijn vader toe. Het is zeven uur als ik bij hem aankom. Hij zit al helemaal klaar in bed om vervoerd te worden door de ambulance.

Net als de laatste keer begin met het maken van een tasje voor de overnachting die hij gaat maken in het ziekenhuis. De bloedtransfusie neemt net als de vorige keer een dag en een nacht in beslag. Om acht uur is de ambulancedienst, die mijn vader gaan vervoeren, gearriveerd en nemen mijn vader mee. Ik ga met mijn eigen auto naar het ziekenhuis.

Bij het ziekenhuis aangekomen moet ik mijn auto voor de zoveelste keer op het betaald parkeerterrein zetten. Onderweg van het parkeerterrein naar het ziekenhuis bedenk ik me ineens ‘waarom ligt er geen rode loper voor mij?’. Ik kom al meer dan 9 maanden lang bij dit ziekenhuis en betaal echt bakken met geld voor het parkeerterrein hier. Zo langzamerhand ben ik wel de hoofdsponsor hier denk ik (dit is waarschijnlijk niet waar, want er zullen vast mensen zijn die nog meer daar parkeren dan ik) …

Boven bij mijn vader aangekomen maak ik de opmerking over het ‘hoofdsponsorschap’. Hij moet lachen en zegt dat het zo maar eens zou kunnen dat ik inderdaad de meeste parkeerbonnetjes heb van alle bezoekers. We bedenken samen uiteindelijk dat er een top 5 van meest parkerende bezoekers ergens bij het parkeerterrein moet worden opgehangen. Deze bezoekers zouden dan wel recht hebben op privileges. We lachen … Het is ontspannen in het ziekenhuis.

Het is wederom dezelfde afdeling waar mijn moeder gelegen heeft. We zijn inmiddels bekend met het verplegend personeel. Netjes zeggen ze allemaal even gedag en krijg ik een kopje koffie. Ik regel voor mijn vader een televisie voor de komende middag en avond. Na mijn koffie opgedronken te hebben ga ik naar huis om dingen te doen. Ik laat mijn vader weten dat ik vanmiddag weer langs kom.

Vanmiddag kom ik terug bij mijn vader. Hij ligt te slapen en wordt eigenlijk niet wakker. Ik staar een beetje naar buiten. Ik bedenk mij ineens dat ik het parkeerterrein ook kan toevoegen aan Foursquare. Als ik dan niet als hoofdsponsor wordt genoemd dan ga ik voor het burgermeesterschap binnen Foursquare. Burgermeester van het parkeerterrein, daar ontvang je punten bij Foursquare voor. Dat is ook voldoende credit vind ik.

Normale dag …

In de afgelopen weken heb ik gemerkt dat je soms een ‘normale’ dag hebt. Tenminste zo voelt het onder de omstandigheden waar ik in verkeer. Er gebeurt feitelijk even niks en je hebt elkaar niet veel te vertellen.

Ik heb vandaag een tas van mijn vader’s werk, die hij nog thuis heeft liggen, meegenomen. Hij wil deze uitzoeken en meegeven aan een van zijn collega’s. Elke week komen er wel een paar collega’s van hem op bezoek namelijk. Er is veel betrokkenheid vanuit het werk van mijn vader. Dit vind ik erg mooi om te horen. Samen met mijn vader pluis ik de tas uit en maak hem gereed dat hij terug kan naar het bedrijf waar mijn vader werkt.

Terloops vertelt mijn vader dat hij morgen weer een bloedtransfusie krijgt, omdat zijn bloedwaarden weer gedaald zijn. Ik vraag hem of hij het fijn vindt dat ik met hem mee ga naar het ziekenhuis. Hij geeft aan dat ik dan erg vroeg op moet. Ik vertel hem dat ik dat niet erg vind en er gewoon ben.

We kijken samen nog even televisie en drinken een kopje koffie voordat ik weg ga naar huis. Bij elkaar zijn en over niets hebben of koetjes en kalfjes is ook bijzonder merk ik. Het is een normale dag …

Oorzaak …

Gisteren ben ik geschrokken van het feit dat mijn vader enorme pijn heeft gehad en dat hij verkeerde in een toestand, die ik eerder bij mijn moeder wel eens heb gezien. Vandaag zit hij in zijn rolstoel als ik aankom in zijn kamer in het verzorgingstehuis. Ik ben verbaasd en vind het ongelofelijk hoe hij er bij zit na gisteren.

Ik hang mijn jas op en pak een kopje koffie van de gang om vervolgens een praatje met mijn vader te maken. Ik ben geschrokken gisteren vertel ik hem. Hij zegt dat hij zelf ook geschrokken is. Angstig heeft hij het ervaren, vertelt hij mij.

Het is een raar gezicht dat mijn vader er weer ‘goed’ bij zit na gisteren. Ik vraag hem of hij de dokter heeft gesproken en wat er dan aan de hand is geweest. Hij vertelt me dat het matras waar hij op ligt met lucht gevuld wordt door een pomp. Deze pomp is stuk geweest en hebben ze vervangen. Doordat er geen voldoende lucht meer in het matras heeft gezeten is de druk op het lichaam van mijn vader toegenomen. De tumoren zijn door mijn vader’s lichaam uitgezaaid en de pijn is ondragelijk geweest, omdat mijn vader feitelijk op de bodem van bed heeft gelegen.

Zijn bed is inmiddels gemaakt en hij ligt weer comfortabel meldt hij mij.

Ik hoop dat de oorzaak van het ongemak dat mijn vader ervaren heeft daadwerkelijk ook echt de oorzaak is en niet alsnog blijkt dat er iets anders aan de hand is. Ik probeer het allemaal te begrijpen en voel dat ik het lastig vind. Ergens houd ik toch rekening met een ander scenario en een andere uitkomst.

Geschrokken …

Aan het eind van de middag krijg ik een telefoontje van mijn vader. Hij vraagt me om meteen te komen. Hij kan niet meer en is moe. Een beetje verrast stap ik in mijn auto en zorg dat ik zo snel mogelijk bij hem ben.

Onderweg bekruipt me het gevoel dat ik al een keer gehad heb op de dag dat mijn moeder overleed. Het zal toch niet zo zijn dat het sterven van mijn vader nu al zijn intreden doet? Dat is wel heel plotseling ondanks het ziekbed.

Ik kom bij mijn vader in zijn kamer binnen en merk aan hem dat het niet goed is. Hij is blij dat ik er ben en vraagt of ik op de stoel naast het bed bij hem wil komen zitten. In eerste instantie probeer ik uit te vinden hoe het er voor staat met hem. Is het moment aangebroken dat ik iedereen moet gaan bellen? Hij probeert zich te ontspannen, maar blijft zeer onrustig. Hij vraagt of ik de vriendin van mijn moeder wil bellen. Hij heeft nog een mobiele telefoon voor haar klaar liggen die zij op kan komen halen vanavond.

Na een uur arriveert de vriendin van mijn moeder. Mijn vader probeert meteen uit te leggen hoe het werkt met de mobiele telefoon. Zij is nu ook bereikbaar voor hem.

Ik probeer de verpleging te raadplegen voor medicijnen. Het zou fijn zijn als hij wat slaappillen krijgt om rustig te worden. Samen met de verpleging stop ik mijn vader in bed. Na een paar uurtjes gaat het wel weer met mijn vader. Kennelijk lag hij niet zo goed in zijn bed en doet dit enorme pijn. Deze pijn zorgt er voor dat hij in een keer niet goed wordt, denkt hij. Ik adviseer hem om lekker te gaan slapen en zijn rust te nemen.

In de auto begin ik me een aantal dingen te realiseren. Ik weet dat de dag dat mijn vader zal sterven sneller zal aanbreken dan ik verwacht. Ondanks dat ik mezelf mentaal probeer te wapenen tegen dat moment, ben ik vandaag toch erg geschrokken. Waarschijnlijk kan en moet ik mij niet (proberen te) wapenen tegen deze dag.

Verjaardag …

Met een lichtelijk punthoofd van de nieuwjaarsborrel, waar het erg gezellig was, ga ik deze ochtend de Spaanse vrienden ophalen om ze vervolgens naar Schiphol te brengen. Op Schiphol moeten we bijna een uur wachten aan de incheckbalie van Iberia. Alles gaat ‘tranquillo’ vandaag merk ik al. Ik maak me niet druk.

Thuis gekomen gooi ik mezelf in de laagste versnelling. Ik zit een beetje weg te doezelen op de bank. Lekker muziek luisteren. Ik heb nog wat naweeën van mijn gevoel van gisteren merk ik. Kerst en Oud en Nieuw is kennelijk voor mij een heel beladen periode geweest. Er heerst daardoor onrust in mijn lijf.

Later op de middag ga ik naar mijn vader. We kijken en beetje televisie en spreken nog even de afgelopen dagen door. Het is de verjaardag van mijn moeder vandaag. Op een of andere manier is dit onderwerp niet gevallen tijdens onze gesprekjes merk ik later op als ik in de auto zit. Ik weet niet of het niet vallen van de verjaardag van mijn moeder als onderwerp goed of slecht is. In ieder geval denk ik er aan.

Ik heb vanavond een etentje met een van mijn beste vrienden (tja, ik heb er een paar is inmiddels gebleken). Het is een verlaat etentje voor mijn verjaardag … Het is een zeer fijne gemoedelijke avond. We hebben heerlijk gegeten en kunnen kletsen. Ik ga met een fijn gevoel naar huis. Langzamerhand begint alles weer een beetje rustig te worden in mijn lijf.

Vandaag is een verjaardag …

Leeg …

Nieuwjaarsdag is altijd een rare dag. Ik word wakker met een steen in mijn buik. Toch probeer ik een beetje op gang te komen.

Ik breng de rolstoelbus terug naar het Sarphatihuis. Daar aangekomen bied ik de vriend van mijn vader aan wanneer er een chauffeur uitvalt om een dagje te chauffeuren. Dit als tegenprestatie voor het mogen lenen van de rolstoelbus. Hij moet lachen, maar neemt het ter harte. Ik vertel hem dat ik het meen.

Vanaf het Sarphatihuis neem ik de tram richting het Leidseplein. Onderweg bel ik mijn vader om te checken hoe hij Oud en Nieuw beleefd heeft. Hij heeft het erg naar zijn zin gehad en is blij dat hij dat hij het thuis heeft kunnen meemaken.

De Spaanse vrienden zijn nog aanwezig. Ik spreek met mijn vader af dat ik morgen weer langskom. Hij heeft dan rustig de tijd om met hen door te brengen. Ik vertel hem dat ik een nieuwjaarsborrel heb aan het einde van de middag.

Voordat ik naar de nieuwjaarsborrel ga ik eerst nog langs huis. Een chillen. Het is gisterenavond een zwaar beladen avond geweest. Diep van binnen doet het pijn merk ik. Ik heb verdriet en een leeg gevoel van binnen. Het is mij allemaal niet in de koude kleren gaan zitten.

Gelukkig vind ik vanavond mijn afleiding in de nieuwjaarsborrel met veel kennissen, oude bekenden en vrienden.